Nergens zin in. Of nergens vertrouwen in?
Jongeren die lui lijken, zijn vaak jongeren die te vaak hebben gemerkt dat hun best doen niets opleverde. Over motivatie, en waarom die meestal ná de eerste stap komt.
Hij ligt op bed met zijn telefoon. Vraag je wat hij vandaag gaat doen, dan zegt hij: niks. Vraag je wat hij volgend jaar wil, dan zegt hij: weet ik niet.
En jij wordt er stil van, want je ziet iemand met talent die zichzelf op pauze heeft gezet. Je ziet ook de klok tikken: nog een jaar, nog een half jaar, en dan moet er iets.
De jongere die stopte met proberen
Kijk eens terug. Vaak zie je dan geen luie jongere, maar een reeks pogingen. De voetbalclub waar hij na drie maanden niet meer heen ging. De opleiding die na een half jaar toch niet paste. Het huiswerkplan dat twee weken werkte.
Elke keer deed hij iets. En elke keer eindigde het met een teleurstelling, of met iemand die zei dat hij het beter had moeten aanpakken. Tel dat bij elkaar op en je krijgt een jongere die één ding heeft geleerd: proberen doet pijn.
Op een gegeven moment doet een brein wat elk verstandig brein doet: het stopt met inzetten op een spel dat toch niet uitbetaalt. Dat ziet er van buiten uit als desinteresse. Van binnen is het bescherming.
Herkenbaar?
Hij zegt: het maakt toch niet uit. Dat klinkt onverschillig. Luister nog eens. Er zit meestal een halve zin voor: het maakt toch niet uit, want het lukt me toch niet.
Motivatie komt na de eerste stap
We behandelen motivatie als een startvoorwaarde. Eerst willen, dan doen. Voor de meeste mensen werkt het precies andersom: eerst een stukje doen, dan pas iets voelen. Zin ontstaat onderweg.
Denk aan sporten, aan opruimen, aan die klus die al maanden ligt. Vrijwel niemand krijgt daar zin in door erover na te denken. De zin komt na tien minuten bezig zijn, of hij komt niet. Waarom verwachten we dan van een jongere dat hij eerst gemotiveerd is en dan pas begint?
Wachten tot een jongere gemotiveerd is voordat je iets aanbiedt, is dus wachten op honger terwijl er niemand kookt.
“Misschien is motivatie niet altijd het probleem. Misschien is het de uitkomst.” — APZW
Even anders kijken
Er is nog een reden waarom “geen zin” zo hardnekkig is: het beschermt tegen falen. Wie niet begint, kan het niet verprutsen. Zeggen dat je iets niet leuk vindt, is een stuk veiliger dan proberen en tekortschieten waar iedereen bij is.
Dat verklaart ook waarom een jongere die nergens zin in heeft, wél uren aan een game besteedt. Daar is de opdracht helder, de feedback direct, en falen kost niets: je begint gewoon opnieuw. Precies de drie dingen die school en werk zelden bieden.
Als je dat weet, wordt gamen minder een vijand en meer een aanwijzing. Blijkbaar kan hij wél doorzetten, samenwerken, plannen en frustratie verdragen — alleen op een plek waar het veilig is om te verliezen.
Wat wij hierin zien in de praktijk
Wij beginnen bij jongeren die vastzitten bijna nooit met een gesprek over de toekomst. We beginnen met doen. Een klus, een kookmiddag, een dagdeel meelopen. Iets met een begin en een einde, waar aan het eind iets ligt dat er eerst niet was.
Wat er dan gebeurt, is opvallend voorspelbaar. De eerste keer komt hij te laat en doet hij half mee. De tweede keer blijft hij iets langer. Ergens rond de vierde of vijfde keer stelt hij zelf een vraag. Dat is het moment waarop het kantelt — en dat moment is nooit ontstaan door een goed gesprek.
En dan doen we nog iets: we stoppen op tijd. Liever eindigen met het gevoel dat het meeviel, dan doorgaan tot het te veel wordt. Wie goed eindigt, komt makkelijker terug.
| Je moet meer je best doen | Welk stukje is het zwaarst? |
| Wat wil je later worden? | Wat wil je deze week eens proberen? |
| Je hebt nergens zin in | Waar had je vroeger wel zin in? |
| Dit is je laatste kans | We beginnen met twee uur, en we kijken verder |
Wat kun je hiermee ?
Maak de eerste stap kleiner dan redelijk lijkt. Niet: solliciteren. Wel: samen kijken welke vacatures er zijn, tien minuten, laptop dicht als de wekker gaat.
Leen zijn onderwerp. Games, sneakers, muziek, sleutelen, dieren, auto’s. Wat hem interesseert, is geen afleiding van de ontwikkeling — het is de ingang ernaartoe. Bijna elke jongere die wij zien vinden, vonden we via iets waar hij toevallig al warm voor liep.
Prijs de poging, niet het resultaat. Je stond op, je ging erheen, je hebt het gedaan. Wie alleen resultaten beloont, leert dat proberen alleen telt als het lukt.
En laat de toekomst even met rust. Praat over deze week. Voor iemand die vastzit, is volgend jaar geen motivatie maar een dreiging.
Probeer dit eens
Spreek af: tien minuten, en daarna mag je stoppen. Houd je aan die tien minuten, ook als het loopt.
Zeg één keer per week iets over zijn inzet en niets over zijn resultaat. Kijk wat er gebeurt.
Vraag hem iets te leren wat jij niet kunt. Uitleggen is de snelste weg naar zelfvertrouwen.
Van Ayoub
Er kwam eens een jongen bij ons die volgens iedereen nergens zin in had. Eerste dag: telefoon in zijn hand, jas aan, hoodie op. Ik heb hem niets gevraagd. Ik heb hem een mes gegeven en gezegd: jij doet de uien.
Na drie weken vroeg hij of hij vaker mocht komen. Na drie maanden runde hij de keuken op donderdag. Niemand heeft hem gemotiveerd. Hij ontdekte alleen dat er iets was waar hij goed in was en waar mensen op zaten te wachten.
Dat is voor mij de kern van dit werk. Ik hoef geen jongeren te overtuigen. Ik moet zorgen dat ze iets meemaken dat lukt. De motivatie komt daarna vanzelf, en dan is het van hen — niet van mij.
Ayoub
Ayoub Adardor · eigenaar en begeleider bij APZW
Voor verwijzers en professionals
Onvoldoende gemotiveerd is een van de meest gebruikte gronden om een traject uit te stellen of af te sluiten, terwijl motivatie geen stabiele eigenschap is maar sterk afhangt van context, succeskans en autonomie. Wie motivatie als toelatingseis hanteert, sluit juist de groep uit die het meest is vastgelopen.
Bruikbaarder is de vraag: onder welke omstandigheden komt deze jongere wél in beweging, en hoe klein mag de eerste stap zijn?
Bij APZW starten we daarom met doen, niet met praten over willen: een klus, een kookmiddag, een dagdeel meelopen via de Ayoubschool of Kookkrachtig. Betrokkenheid is bij ons een uitkomst van het traject, geen voorwaarde vooraf.
Voor jongeren — even rechtstreeks
Geen zin hebben is vaak bang zijn dat het weer misgaat. Dat is iets anders dan lui zijn.
Begin met iets waarvan je bijna zeker weet dat het lukt. Klein telt ook.
Als iemand zegt dat je meer je best moet doen, mag je vragen waar hij dat precies aan ziet.
Je bent niet de enige
Ouders van jongeren die stilvallen, voelen zich vaak eenzaam. Op verjaardagen gaat het over diploma’s en bijbaantjes, en jij zit met een kind dat de gordijnen dicht houdt. Dat is zwaar, en je hoeft er niet in je eentje mee te zitten.
Bij ons kom je ouders tegen die precies weten hoe dat voelt. En als je wilt sparren over een eerste kleine stap voor jouw kind: bellen mag altijd, ook als je nog nergens staat ingeschreven.
Waar kreeg jij voor het laatst zin in tíjdens het doen, en niet ervoor?
Wanneer heeft jouw kind voor het laatst iets meegemaakt dat lukte?
Hoe lang is dat geleden — en wat was het?
Je hoeft niet te reageren. Soms helpt het al om de vraag even te laten landen.
Vraag niet hoe je hem motiveert. Vraag hoe je het hem laat winnen. Team APZW
APZW · een plek waar je niks hoeft uit te leggen
Telefoon 06 17 31 73 53 · info@apzw.nl · www.apzw.nl · Instagram @adardorpuurzorgenwelzijn
