Je bent niet hun probleem, je bent hun vertaler
Hoe vaak heb jij deze week je kind moeten uitleggen aan iemand anders?
Aan de juf, aan opa en oma, aan de buurvrouw, aan de hulpverlening, aan de trainer van de club. Steeds opnieuw uitleggen waarom je kind doet wat het doet, waarom dit wel werkt en dat niet, waarom je het zo aanpakt en niet anders. Je bent moe van het uitleggen. En soms, op een rotdag, voel je je zelf het probleem, terwijl je juist de brug bent tussen je kind en de wereld. Heel veel ouders kennen die uitputting. Dat constante vertalen tussen je kind en een wereld die het niet altijd snapt. Het put je uit, omdat je het keer op keer moet doen, aan iedereen die het niet vanzelf begrijpt. En vaak voel je je er ongemakkelijk bij, alsof je zeurt of overdrijft. Laat dit duidelijk zijn: je bent niet zeurderig. Je bent onmisbaar.
Wat jij eigenlijk doet
Je kind kan zichzelf nog niet altijd uitleggen. Dus jij doet dat. Je vertaalt zijn gedrag naar de buitenwereld, zodat anderen achter de boosheid ook de angst zien die eronder zit. En je vertaalt de eisen van de buitenwereld terug naar iets wat je kind aankan, in stukjes, op een tempo dat het behapbaar maakt. Dat is geen klagen, en het is geen overbezorgdheid. Dat is een vak, dat jij elke dag uitoefent zonder dat iemand je ervoor heeft opgeleid. En die controle die je houdt, dat alles vooraf regelen, dat van tevoren bellen en uitleggen, is geen bemoeizucht. Het is hoe jij veiligheid maakt voor je kind. Het is liefde, in de vorm van vooruitdenken. Anderen zien soms een controlerende ouder. Wat ze niet zien, is hoeveel narigheid je daarmee voor je kind voorkomt.
Herkenbaar?
Voor een verjaardag bel je vooraf even: dit werkt wel bij ons, dit liever niet, en als het te druk wordt vertrekken we wat eerder. Voor de buitenwereld lijkt het controle. Voor je kind is het de reden dat het mee durft.
“Een ouder die steeds opnieuw uitlegt, is geen lastige ouder. Het is een vermoeide brug.”
APZW
Wat dan wel helpt
Je hoeft die brug niet in je eentje te zijn, en je hoeft hem ook niet elke keer opnieuw te bouwen. Schrijf het een keer op. Een kort blad over je kind, wat werkt en wat niet, scheelt je tien keer hetzelfde verhaal vertellen. Deel de last, en laat anderen ook leren, in plaats van alles zelf te blijven dragen. Kies daarbij je
gevechten, want niet alles hoeft uitgelegd, en sommige onbegrijpende blikken mag je gewoon laten gaan. En erken jezelf in dit werk. Vertalen, vooruitdenken, steeds weer schakelen, dat is zwaar en onzichtbaar werk, en het mag gezien worden. Bij ons nemen we een deel van dat vertalen graag over. Naar school, naar de gemeente, naar andere hulpverleners. Zodat jij niet langer de enige brug bent, en af en toe gewoon ouder mag zijn.
‘Maar als ik het loslaat, gaat het mis’
Dat gevoel is echt, en heel begrijpelijk. Je hebt door schade en schande geleerd dat het misgaat als jij niet alles regelt. Dus loslaten voelt eng, en dat snappen we. Het hoeft ook niet in een keer. Het mag stukje bij beetje, met mensen om je heen die het overnemen als jij even niet kunt. Eerst een klein stukje, kijken of het goed gaat, dan een stukje meer. Vertrouwen opbouwen werkt bij jou net zo als bij je kind. En wees eerlijk: misschien blijf je altijd een beetje vertaler. Dat hoort bij dit ouderschap. Het verschil is of je het in je eentje doet, tot je erbij neervalt, of dat je er een paar mensen naast je zet. Je hoeft niet voor altijd de enige te zijn. Je mag de last delen, en dat maakt je geen mindere ouder. Het maakt je een ouder die het volhoudt.
Je bent niet het probleem. Je bent de reden dat je kind zich begrepen voelt. Een vraag terug, voor jou.
- Aan wie leg jij je kind het vaakst uit?
- Wat zou er gebeuren als je een deel van dat vertalen uit handen geeft?
- En wie vertaalt er eigenlijk voor jou?
Je hoeft niet te reageren. Soms helpt het al om de vraag even te laten landen.
Je draagt een zware taak met liefde. Je hoeft hem niet in je eentje te dragen.
